Hoe begin je aan een moestuin tijdens de quarantaine?

Zelf groenten kweken, da’s goed voor jou en voor het milieu! Geen wonder dat sterrenrestaurants gerechten op hun kaart zetten met groenten uit hun eigen moestuin. Lokaler kan niet. Groenten oogsten in een samentuin is populair bij hipsters die op hun voeding letten. En tegenwoordig verkopen ook supermarkten pakketten om zelf een moestuin te beginnen op je vensterbank. Ecologisch, lokaal en goedkoper: wat wil je nog meer? Bovendien heeft de coronacrisis je waarschijnlijk doen beseffen dat simpele dingen je goed kunnen doen. Hier zijn alvast een paar tips om eraan te beginnen. Zet jij je tanden binnenkort in een zelfgekweekte wortel?

Ontwerp je moestuin

Een aannemer begint ook niet zomaar in het wilde weg aan een huis. Hij gebruikt een bouwplan. En hoewel je niet meteen millimeterpapier erbij hoeft te nemen waarop je elke vierkante centimeter van je moestuin uittekent, kan het geen kwaad om even na te denken over het ontwerp van je moestuin.

  • Zon, licht en lucht zijn cruciaal. Je wil minimaal 6 tot 8 uur zonlicht: de meeste groenten zijn zonaanbidders.
  • Kies voor een plek die beschut is. Windcirculatie kan ook warme lucht aanvoeren en dat hebben plantjes niet graag.
  • Hou ook rekening met de verschillende windrichtingen: de koudste wind komt uit het noorden. Laat de zuidkant van de tuin open om de zon zoveel mogelijk binnen te laten.

Geen tuin of zonnig balkon?

Zonder tuin of zonnig balkon, kan je een moestuin aanleggen met groenten die minder dan gemiddeld zonlicht nodig hebben. Sla, spinazie, rucola, snijbiet, biet, worteltjes en mosterdblad doen het bijvoorbeeld goed in halfschaduw. Ze hebben maar 3 tot 6 uur per dag zon nodig.

Klein begonnen, half gewonnen

Klein begonnen, half gewonnen

Begin een kleine moestuin en bouw die langzaam uit. Eén vierkante meter is al genoeg. Een stadsmoestuin kan je trouwens ook gewoon in potten beginnen, al bestaan er ook handige bakken om zaaibedden in aan te leggen.

De basis

Vruchtbare grond = de basis

In onze streken vinden we zand of kleigrond. Dat kan je heel makkelijk testen door een beetje aarde vast te nemen tussen je vingers: brokkelt die uit elkaar, dan heb je zandgrond, als die samenklontert, heb je klei. Soms vinden we ook veengrond, die is zwartbruin van kleur. Ook de zuurtegraad is belangrijk: een te zure grond (pH<5.5) kan je bijwerken met kalk. Aan te kalkrijke grond (pH>7.5) kan je tuinturf toevoegen.

Groentjes

Kies gemakkelijke groentjes

Een moestuin begin je best in het voorjaar, vlak na de vorstperiode. Of je nu zaden of jonge plantjes kiest, dat maakt weinig uit voor het eindresultaat. Maar met plantjes neem je wel een beetje voorsprong op de natuur – op het label staan trouwens de aanplant maanden. Zaden hebben iets langer nodig om te ontkiemen. Wil je toch al vroeger beginnen? Dat kan. Met een kweekkast kan je onder glas zaaien. Of nog eenvoudiger: zet in februari potjes met zaden op je vensterbank. Tegen april zijn ze klaar voor je moestuin. Sommige groenten, zoals paprika’s en tomaten, moeten zelfs voorgezaaid worden. Anders gebeurt er niks. Gebruik een moestuinkalender om te weten wat wanneer precies de grond in moet.

Timing

Timing is alles

Begin een kleine moestuin en bouw die langzaam uit. Eén vierkante meter is al genoeg. Een stadsmoestuin kan je trouwens ook gewoon in potten beginnen, al bestaan er ook handige bakken om zaaibedden in aan te leggen.

Een moestuin aanleggen, is helemaal niet moeilijk. Je hebt er weinig voor nodig: wat tuingereedschap, tuinhandschoenen, een spade en een gieter. Kies een goede plek en zorg voor geschikte grond. Zaai de groenten op het juiste ogenblik en wacht af… En vergeet het aller-allerbelangrijkste niet: geef je groenten water!

Veel moestuinplezier en smakelijk!

Gepubliceerd op 05/05/2020